Bescherming van proefdieren - Hoofdinhoud
Dierenwelzijn staat hoog op de agenda van de Europese Unie (EU). Het welzijn van dieren is zelfs als fundamentele waarde van de EU vastgelegd in artikel 13 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Het Europees Parlement (EP) riep daarom al tijden voor een beter bescherming of zelfs een verbod op het gebruik van proefdieren.
Dit verbod is er uiteindelijk gekomen voor cosmetische producten. Nadat er eerst alleen een verbod kwam op het gebruik van proefdieren voor cosmetische eindproducten en ingrediënten , is in 2013 een algeheel handelsverbod ingevoerd van cosmetische producten die op dieren zijn getest.
Dierproeven zijn echter onmisbaar voor de ontwikkeling van medicijnen, bijvoorbeeld voor AIDS, alzheimer en multiple sclerose. Een algemeen verbod zou dus de volksgezondheid ernstig in gevaar kunnen brengen en daarnaast de concurrentiepositie van Europees onderzoek kunnen schaden. Het Europees Parlement heeft in 2010 ingestemd met een nieuwe richtlijn dat de ontwikkelingen binnen de wetenschap niet in de weg staat, maar het welzijn van proefdieren toch aanzienlijk verbeterd. In Nederland moet deze richtlijn nog omgezet worden in nationale regelgeving.
Het is de taak van de mens om dieren niet onnodig bloot te stellen aan pijn of leed. De Europese Unie wil daarom aan houders en eigenaren van dieren minimale welzijnseisen stellen. Dit is zeker van toepassing op het gebruik van dieren voor experimenten. Centraal staat het beginsel van de drie V's: verfijnen, vermijden en vervangen van het gebruik van proefdieren.
In 2008 kwam de Europese Commissie met een voorstel waarin alle landen werd gevraagd beter op het welzijn van dieren te letten. Het doel van dit voorstel was om een richtlijn uit 1986 (Richtlijn 86/609/EEC) te herzien. Het EP heeft in 2010 ingestemd met een nieuwe richtlijn voor het verminderen van het gebruik van proefdieren. Daarnaast heeft het EP in 2013 een verbod op gekloond vlees afgedwongen en een algeheel verbod van handel in cosmetische producten die op dieren zijn getest.
Belangrijke uitgangspunten in de regelgeving voor bescherming proefdieren:
-
-
Alternatieven
Het vervangen van dierproeven voor alternatieve methoden moet zoveel mogelijk worden gestimuleerd. Voor cosmetische producten zijn er bijvoorbeeld vijf alternatieve testmethoden formeel geaccepteerd door de EU. Dit zijn onder meer methodes waarbij kunsthuid (de huidcultuurtest) of afgenomen varkens- of mensenhuid (Percutane penetratie) gebruikt wordt in plaats van proefdieren.
-
-
Pijnervaring
De richtlijn introduceert vier categorieën (mild , gematigd , ernstig en terminaal) die weergeven hoe zwaar het proefdier onder het experiment lijdt. Als het dier heel veel pijn lijdt, is het de bedoeling dat dit dier niet nog een keer voor een proef gebruikt zal worden. Dit kan als nadeel hebben dat er meer dieren nodig zijn die maar één keer een proef moeten doorstaan in plaats van minder dieren die meerdere keren worden gebruikt. Bovendien moet er slechts subsidie verleend worden aan die proeven waarbij dieren zo min mogelijk te lijden hebben wanneer zij afgemaakt worden.
-
-
Mensapen
Mensapen mogen niet ingezet worden voor dierproeven. Dit verbod gold al in Nederland. Proeven met andere apen zijn alleen toegestaan voor onderzoek naar levensbedreigende ziekten.
-
-
Controle
De Europarlementariërs hebben geëist dat er regelmatige en uiterst efficiënte controle op de richtlijn voor minder experimenten komt. Er is afgesproken met de lidstaten (die op deze controles moeten toezien) dat ten minste 33 procent van alle laboratoria waar proeven op dieren plaatsvinden, worden gecheckt. Sommige van deze controles moeten onaangekondigd plaatsvinden. De Europese Commissie zal er op zijn beurt op toezien dat deze regels ook daadwerkelijk nageleefd worden door de nationale autoriteiten. Ook zal de Commissie na vijf jaar evalueren hoe effectief de richtlijn voor het gebruik van proefdieren is.
De richtlijn van het EP moet door de lidstaten omgezet worden in nationale regelgeving. In Nederland geldt al wel de Wet op Dierproeven i (Wod). Veel van de uitgangspunten van de Europese richtlijn staan al in deze wet beschreven.
Jaartal |
Ontwikkeling Europese richtlijn voor gebruik poefdieren |
Ontwikkeling regelgeving gebruik proefdieren bij testen cosmetica |
|---|---|---|
1997 |
Nederland voert de Wet op Dierproeven i in, die dierproeven voor de ontwikkeling van cosmetische producten verbiedt. |
|
2004 |
Dierproeven voor cosmetische eindproducten worden bij wet verboden in de hele Europese Unie. |
|
2008 |
Europese Commissie komt met voorstel om welzijn van proefdieren te verbeteren. Herziening van een richtlijn uit 1986 (Richtlijn 86/609/EEC). |
|
2009 |
Invoering van een Europees verbod op het gebruik van proefdieren bij het testen van ingrediënten voor cosmetische producten. |
|
2009 |
Invoering van een verbod op het handelen in cosmetische producten die zijn getest op dieren en cosmetische producten waarvan de ingrediënten niet met gebruikmaking van alternatieve methoden getest zijn. Drie testmethoden op gezondheidseffecten zijn hierbij uitgezonderd. |
|
2010 |
Europees Parlement besluit dat er een richtlijn komt voor minder experimenteren op dieren. |
|
2013 |
Invoering algeheel handelsverbod van cosmetische producten die op dieren zijn getest. |
Op het gebied van de cosmetica zorgen de maatregelen binnen de EU ervoor dat cosmeticaleveranciers van buiten de EU zich moeten gaan houden aan de Europese normen. De Europese Unie is op wereldniveau actief om de productie van cosmetica diervriendelijker te maken. Zo is er bijvoorbeeld een samenwerking met het Amerikaanse US Food and Drug Administration . De nieuwe regelgeving brengt echter wel het risico met zich mee dat handelsbetrekkingen onder druk komen te staan. In veel niet-Europese landen worden dierproeven voor cosmetica namelijk wel toegestaan.
Hieronder staan een aantal veel gehoorde argumenten in de discussie over een betere bescherming van proefdieren, waarbij bijna altijd wel kanttekeningen te maken zijn. Dat maakt de discussie boeiend, maar een oordeel niet eenvoudiger.
Tip: na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw reactie geven.
Het gebruik van proefdieren is onmenselijk en er moet daarom een compleet verbod op het gebruik van proefdieren komen
Dieren zijn wezens met gevoelens en verdienen, net als mensen, een prettig leven. Het gebruik van dieren voor experimenten kan ook uitgelegd worden als misbruik. Aangezien zij zich zelf niet kunnen verdedigen moet de Europese Unie opstaan en dat doen door richtlijnen op te stellen ter bevordering van de leefomstandigheden van proefdieren.
Het belang van de gezondheid van mensen staat voorop
Hoe belangrijk het ook is dat dieren een draagbaar leven hebben, de mens staat nog altijd boven het dier. Het onderzoek naar dodelijke menselijke ziektes heeft prioriteit en als de wetenschap gebruik van dieren kan maken om deze ziektes te verlichten of genezen, dan moet dat wettelijk mogelijk zijn.
Een algemeen verbod op dierproeven verslechtert de concurrentiepositie van Europees onderzoek
Als de Europese Unie dierproeven in zijn algemeen in de ban doet, zullen we ver achter lopen op de Aziatische en Amerikaanse wetenschap. Zij blijven proefdieren gebruiken terwijl er voor Europa te weinig alternatieven voorhanden zijn.
Uw reactie
Door op Uw reactie te klikken kunt u laten weten, wat u van de verschillende argumenten vindt. Ook kunt u natuurlijk andere argumenten aandragen. Uw reactie wordt zeer op prijs gesteld.
Een algemeen verbod op dierproeven verslechtert de concurrentiepositie van Europees onderzoek
